Radio-activiteit bewakingssysteem

De radioactiviteitmonitor maakt gebruik van gammaspectrometrie. De gammastraling wordt uitgezonden door radioactieve stoffen (radio-isotopen). Deze kunnen van nature aanwezig zijn maar er komen ook kunstmatige gemaakte radio-isotopen voor. Natuurlijke radio-isotopen komen hoofdzakelijk uit de vervalreeksen van, in de bodem aanwezige elementen, Uranium en Thorium. Kunstmatige radio-isotopen worden ondermeer geloosd door kerncentrales of ziekenhuizen (nucleaire geneeskunde). Met de radioactiviteit monitor kunnen alleen gamma stralen worden gemeten. Alfa-stralers zoals Plutonium en Bèta-stralers zoals Tritium kunnen niet gemeten worden met de monitor. De gammaspectrometer voor on-line alarmering is gebaseerd op een natriumjodide detector. Het gemeten spectrum is opgedeeld in acht kanalen:
Kanaal Energierange in keV Voorbeeld van Isotoop *
Kanaal 1 295-405 Lood-214 **
Kanaal 2 310-500 Jodium-131
Kanaal 3 500-660 Bismuth-214 **
Kanaal 4 600-750 Cesium-137
Kanaal 5 750-1050 Kobalt-58
Kanaal 6 1050-1250 Kobalt-60
Kanaal 7 1250-1380 Kobal-60
Kanaal 8 1380-1540 Kalium-40 **
* Per kanaal kunnen meerdere isotopen voorkomen, in de tabel is de meest waarschijnlijk als voorbeeld genoemd. De range is opgegeven in kilo elektronvolt (keV).
** Kanaal 1 en 3 hebben een iets hogere achtergrond signaal door natuurlijke radio-isotopen, kanaal acht bevat een ijkbron (van Kalium-40). Bij overschrijding van een alarmgrens worden monsters genomen voor nader onderzoek op het laboratorium (Lelystad). Indien noodzakelijk wordt het gemeld aan belanghebbenden.